Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5 -

Artikel 5.5

Hoogte van een persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten 2015

De hoogte van een persoonsgebonden budget: wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het persoonsgebonden budget gaat besteden; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het persoonsgebonden budget toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; en De hoogte van een persoonsgebonden budget als bedoeld in dit artikel voor een cliënt ten behoeve van een dienst wordt vastgesteld op basis van het door het college gecontracteerde tarief in natura waarbij wordt uitgegaan van: 90% van het tarief in natura wanneer het professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een professional in dienst van een zorgaanbieder; 80% van het tarief in natura wanneer het professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp’er); 50% van het tarief in natura wanneer het niet-professionele/informele ondersteuning betreft. Afwijkend van artikel 5.5. lid 3 geldt voor huishoudelijke ondersteuning dat de hoogte van het persoonsgebonden budget: Wanneer het professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp’er) wordt vastgesteld op 70% van het tarief in natura; Een cliënt aan wie een persoonsgebonden budget wordt verstrekt, kan diensten, zaken en andere maatregelen betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. Tussenpersonen of belangenbehartigers mogen niet ui het persoonsgebonden budget worden betaald. Voor de nieuwe ondersteuningsvormen die per 2023 in werking treden worden door het College maximaal de in lid 4 en 5 genoemde percentages gehanteerd. Bij een persoonsgebonden budget voor niet-professionele/informele ondersteuning wordt voor Huishoudelijke Ondersteuning tenminste het wettelijk minimumuurloon aangehouden en voor Begeleiding wordt het bedrag per uur dat Zorgkantoren hanteren voor informele ondersteuning in het kader van de Wet Langdurige Zorg genomen. Het college publiceert jaarlijks een actueel overzicht van de tarieven per maatwerkvoorziening welke door de cliënt mag worden besteed aan een professional.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel