Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 33

Maatwerkvoorziening of pgb voor kortdurende verblijfsondersteuning

Onderdeel van Beleidsregels Wmo 2015

1.. Het college verstaat onder kortdurende verblijfsondersteuning de noodzakelijke ondersteuning van personen die mantelzorg of gebruikelijke hulp verlenen aan een thuiswonende cliënt met een somatische, psychogeriatrische, psychiatrische, verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking die is aangewezen op permanent toezicht. 2.. De cliënt is aangewezen op permanent toezicht indien er sprake is van: een bovengebruikelijke noodzaak voor toezicht op regelmatige en onregelmatige momenten zodat de ondersteuningsverlening goed kan inspelen op de (frequent voorkomende) al dan niet duidelijke of verduidelijkte ondersteuningsvraag; het noodzakelijke toezicht bestaat uit actieve observatie, die als doel heeft dreigende ontsporing in het gedrag of de gezondheidssituatie vroegtijdig te signaleren, waardoor tijdig ingegrepen kan worden en escalatie van onveilige of gevaarlijke (levens)bedreigende gezondheids- en of gedragssituaties voor de inwoner kunnen worden voorkomen. 3.. De kortdurende verblijfsondersteuning bestaat uit logeren in een instelling. 4.. Het college bepaalt de omvang van de kortdurende verblijfsondersteuning is aan de hand van het gemiddelde aantal etmalen dat de mantelzorger of verlener van gebruikelijke hulp moet worden ontlast. De omvang wordt uitgedrukt in klassen: klasse 1: een etmaal per week; klasse 2: twee etmalen per week; klasse 3: drie etmalen per week.

Rechtspraak bij dit artikel