**1..** Jeugdigen en ouders met een hulpvraag kunnen het college verzoeken
om toeleiding naar een overige voorziening of toekenning van een
door het college bij besluit te verlenen individuele
voorziening.
**2..** Het college zorgt voor de inzet van jeugdhulp na verwijzing door de
behandelend huisarts, medisch specialist of jeugdarts naar een
individuele voorziening. Indien de jeugdige of zijn ouders hierom
verzoeken, legt het college de beslissing omtrent de inzet vast in
een beschikking als bedoeld in artikel 6.
**3..** Het college zorgt voor inzet van de jeugdhulp die de rechter of de
gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van een
kinderbeschermingsmaatregel, die de rechter, het openbaar
ministerie, de selectiefunctionaris, de inrichtingsarts of de
directeur van de justitiële inrichting nodig achten bij de
uitvoering van een strafrechtelijke beslissing, of die de
gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van
jeugdreclassering. Hiervoor verstrekt het college geen beschikking
als bedoeld in artikel 6.
**4..** In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een
passende tijdelijke voorziening of vraagt het college een
spoedmachtiging gesloten jeugdhulp als bedoeld in artikel 6.1.3
juncto artikel 6.1.8 van de wet.
**5..** Jeugdigen en ouders die menen een beroep te kunnen doen op een
overige voorziening, niet zijnde basishulp, kunnen zich rechtstreeks
hiertoe wenden. Ook de huisarts, medisch specialist, jeugdarts of
andere betrokken instanties kunnen hen rechtstreeks verwijzen naar
een overige voorziening.
Hoofdstuk 1
Artikel 3
Toegang jeugdhulp, indiening hulpvraag
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp Albrandswaard 2015