Indien het bezit van een belanghebbende niet ten minste driemaal de
toepasselijke bijstandsnorm bedraagt, verrekenen burgemeester en
wethouders de recidiveboete gedurende één maand zonder inachtneming van
de beslagvrije voet. De verrekening geschiedt vanaf het moment van de
dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd.
Aansluitend op verrekening als bedoeld in het eerste lid,
verrekenen burgemeester en wethouders de recidiveboete in de
daarop volgende twee maanden op een dusdanige wijze dat
belanghebbende blijft beschikken over een inkomen ter hoogte van
80% van de toepasselijke bijstandsnorm.
Tot het inkomen, bedoeld in het tweede lid, worden ook middelen
gerekend als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdelen n en
r, van de Participatiewet .
Hoofdstuk 2:
Artikel 3.
Verrekenen bij geen of onvoldoende bezit
Onderdeel van Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive 2015 gemeente Baarn