Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Leidschendam-Voorburg 2015

Deze verordening verstaat onder: begraafplaatsen: de algemene begraafplaats gelegen aan de Parkweg, de algemene begraafplaats gelegen aan de Rodelaan (genaamd “Oosterbegraafplaats”) en de algemene begraafplaats gelegen aan de Tuinenlaan (genaamd “algemene begraafplaats Noorthey”); stoffelijk overschot: lijk zoals gedefinieerd in artikel 2, eerste lid sub a van de Wet op de lijkbezorging; particulier graf: een graf(kelder), waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het laten: begraven en begraven houden van stoffelijke overschotten; bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; verstrooien van as; keuzegraf: een particulier graf waarbij het graf gekozen kan worden uit graven die vervallen zijn aan de gemeente. Deze graven liggen over de begraafplaats(en) verspreid; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het laten begraven van stoffelijke overschotten; urnenkelder: een kelder, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: het laten bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het inrichten van een gedenkplaats; particulier kindergraf: een graf, bestemd voor overleden kinderen beneden de leeftijd van 12 jaar, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het laten: begraven en begraven houden van stoffelijke overschotten; bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; verstrooien van as; algemeen kindergraf: een algemeen graf, waarin zijn begraven overleden kinderen beneden de leeftijd van 12 jaar (deze graven worden niet meer uitgegeven); urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het laten bijzetten en bijgezet houden van een asbus in een urn; plaats op urnenheuvel: een plaats op één van de urnenheuvels waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: het plaatsen en geplaatst houden van een urn boven de grond; het plaatsen van een ander gedenkteken; urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; asbus: een afgesloten bus die de as van een overledene bevat; verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf of gedenkplaats. Hieronder worden, voor zover van belang, ook verstaan, bovengronds geplaatste urnen; gedenkboom: monument waarop een herinneringsplaatje bevestigd kan worden; beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaatsen of degene die hem vervangt; rechthebbende: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een (uitsluitend) recht is verleend op een particulier graf, keuzegraf, particulier kindergraf, urnenkelder, urnennis of plaats op een urnenheuvel; contactpersoon: de natuurlijke of rechtspersoon die de opdracht heeft gegeven voor het begraven van een stoffelijk overschot in een algemeen graf, dan wel degene die in zijn plaats is getreden; vergunninghouder: de rechthebbende of contactpersoon aan wie het college een schriftelijke vergunning heeft verleend voor het hebben van grafbedekking; grafveld: een daarvoor bestemd gedeelte van de begraafplaats waarbinnen een aantal algemene graven is gelegen; college: college van burgemeester en wethouders.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel