Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 16

Termijnen particuliere graven

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Leidschendam-Voorburg 2015

1.. Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaatsen dat toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig jaar het recht op een particulier graf of een keuzegraf, dan wel voor de tijd van tien of twintig jaar voor een particulier kindergraf, een en ander tegen betaling van het daarvoor verschuldigde recht. De termijn begint te lopen op de datum waarop het particulier graf is uitgegeven of het keuzegraf is uitgegeven of gereserveerd. 2.. Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van vijf, tien of twintig jaren, mits de beheerder de schriftelijke aanvraag daarvoor binnen twee jaar vóór het verstrijken van de lopende termijn heeft ontvangen. De verlenging gaat in op het moment dat bestaande recht zou aflopen, een en ander tegen betaling van het op dat tijdstip verschuldigde recht. 3.. Het college verleent, voor zover de bestemde ruimte van de begraafplaats dat toelaat, op een daartoe bij hen in te dienen aanvraag, voor de tijd van vijf jaar het recht op een urnenkelder, een plaats op een urnenheuvel of een urnennis, een en ander tegen betaling van het daarvoor verschuldigde recht. De termijn begint te lopen op de datum waarop de urnenkelder, de plaats op een urnenheuvel of de urnennis is uitgegeven of gereserveerd. 4.. Het in het derde lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van vijf jaar, mits de beheerder de schriftelijke aanvraag daarvoor binnen twee jaar vóór het verstrijken van de lopende termijn heeft ontvangen. De verlenging gaat in op het moment dat bestaande recht zou aflopen, een en ander tegen betaling van het op dat tijdstip verschuldigde recht.

Rechtspraak bij dit artikel