**1..** Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag:
een uitweg te maken naar een weg in de zin van artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994;
van een zodanige weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg;
verandering te brengen in een bestaande uitweg naar een zodanige weg.
**2..** Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd in het belang van:
de bruikbaarheid van de weg;
het veilig en doelmatig gebruik van de weg;
de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving;
de bescherming van de groenvoorzieningen in de gemeente.
**3..** Het verbod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de keur van het waterschap Scheldestromen of de Wegenverordening Zeeland.
HOOFDSTUK 2 › Afdeling 5
Artikel 2.7
Omgevingsvergunning voor het maken en veranderen van een uitweg
Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING MIDDELBURG 2015