Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Budgethoudersregeling Krimpenerwaard 2015

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na openbaarmaking van deze regeling en werkt terug tot 1 januari 2015. Deze regeling kan worden aangehaald als “Budgethoudersregeling Krimpenerwaard 2015”. Bij de inwerkingtreding van deze regeling komen de navolgende regelingen te vervallen: - Budgethoudersregeling 2012 gemeente Bergambacht; - Regeling inzake budgethouders gemeente Nederlek; - Budgethoudersregeling 2011-2014 gemeente Ouderkerk; - Regeling budgethouderschap gemeente Schoonhoven; - Beschrijving van de werkzaamheden van de budgethouder gemeente Vlist 2013 - Regeling inzake budgethouders van de gemeente Vlist 2013 - Budgethoudersregeling K5 2008. Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard op 3 maart 2015 de algemeen directeur/secretaris, de burgemeester, Mr. M. Plantinga Mr. T.P.J. Bruinsma Bijlage bij Budgethoudersregeling gemeente Krimpenerwaard 2015 (matrix ) Afdeling: Hoofdbudgethouder Budgethouder Deelbudgethouder Uitvoerings-verantwoordelijke Naam Naam vervanger Producten - - - - Kostenplaats - - - - - - Kredieten (Projecten) - - - Bijzonderheden t.a.v. de mandatering Handtekening Paraaf TOELICHTING op de Budgethoudersregeling gemeente Krimpenerwaard 2015 1.Algemeen De herindeling van de gemeenten Bergambacht, Nederlek, Ouderkerk, Schoonhoven en Vlist is de aanleiding voor deze nieuwe regeling. De voorliggende regeling beoogt de noodzakelijke voorwaarden te scheppen voor een optimale beheersing van de geldstromen binnen de nieuwe gemeentelijke organisatie. De voorliggende regeling heeft niet als doel alles te regelen over het verschijnsel budgethouderschap. Het uitgangspunt is om zo beperkt mogelijk de centrale regels weer te geven. Veel zaken die daarvan een afgeleide zijn, worden in de regeling niet geregeld. Zo wordt geregeld dat de budgethouders moeten rapporteren, maar hoe hij dat moet doen is niet in de regeling opgenomen. 2.Autorisatieniveaus Bij de samenstelling van de Budgethoudersregeling is uitgegaan van het volgende principe: De gemeenteraad autoriseert op programmaniveau. Zij geven aan welke maatschappelijke effecten bereikt moeten worden en maken afspraken met het college van Burgemeester en wethouders over de inzet van middelen en met welke producten deze maatschappelijke effecten worden gerealiseerd. Het staat het college van Burgemeester en wethouders vrij om binnen de programma’s budgettair neutraal budgetten over te hevelen van het ene naar het andere product. 3.Structuur De opzet van de Budgethoudersregeling sluit aan bij de opzet van de nieuwe organisatiestructuur.

Rechtspraak bij dit artikel