Voor kleine evenementen gelden tijdens het evenement de volgende voorschriften:
De contactpersoon van de organisatie dient gedurende het gehele evenement bereikbaar te zijn.
De gebruikte openbare ruimte dient schoon te worden achtergelaten.
Als er door het evenement schade ontstaat aan de openbare ruimte dan wordt de schade op kosten van de organisator hersteld.
Omwonenden dienen ten minste 2 dagen van te voren door de organisatie schriftelijk in kennis te worden gesteld van het evenement en de daarmee gepaard gaande hinder.
De aanwezige bomen en beplanting dienen te worden ontzien en waar nodig te worden beschermd.
De veiligheid van de bezoekers mag op geen enkele wijze in gevaar worden gebracht.
Voor de hulpverlenende diensten moet een doorgaande route met een breedte van 4,5 meter waarvan 3,50 meter verhard en een hoogte van 4,2 meter beschikbaar zijn. Gebouwen moeten tot op 10 meter benaderbaar zijn voor hulpverlenende diensten. Eventuele hekwerken of afzettingen moeten gemakkelijk te openen zijn. Er moeten voldoende maatregelen worden genomen om parkeren voor de hekken te voorkomen.
Brandkranen en andere waterwinplaatsen moeten worden vrij gehouden en bereikbaar zijn voor brandweervoertuigen.
De nooduitgangen dienen te allen tijde vrij gehouden te worden en direct zonder het gebruik van hulpmiddelen te openen.
Er moeten voldoende blusmiddelen aanwezig zijn, hierbij is tenminste één goed zichtbare en bereikbare blusmiddel met een inhoud van 6 kg/L per 200 m2 gebruiksoppervlak noodzakelijk. Aanwezige blusmiddelen mogen niet aan het oog onttrokken worden door versiering of andere obstakels. Blusmiddelen moeten voorzien zijn van een geldig keurmerk conform de NEN 2559.
Er moet op toegezien worden dat er geen brandgevaarlijke situaties ontstaan door onveilig gebruik van vuur, gas en/of elektriciteit. De verschillende elektrische toestellen, snoeren en stekkers moeten onbeschadigd zijn.
Kabels, snoeren, leidingen, lopers, matten en dergelijke moeten zo zijn aangebracht dat vallen en struikelen wordt voorkomen.
Onverminderd het bovenstaande dienen voorts alle maatregelen getroffen te worden om ontstaan en uitbreiding van brand, het ontstaan van ongevallen of onveilige situaties zo goed als redelijkerwijs mogelijk te voorkomen.
De aanwijzingen van functionarissen van de gemeente, brandweer, politie en andere overheidsdiensten moeten stipt en direct worden opgevolgd.
het gebruik van een tent:
De constructie van de tent dient voldoende stabiel te zijn.
De constructiematerialen van een tent inclusief tentdoek, vaste zijpanelen e.d. moeten:
voor het beperken van ontwikkeling van brand, bepaald overeenkomstig NEN 6065, ten minste behoren tot klasse 4 van de in die norm bedoelde bijdrage tot brandvoortplanting;
voor het beperken van het ontstaan van rook, bepaald overeenkomstig NEN 6066 geen grotere rookdichtheid hebben dan 10 m-1
De organisator moet er op toe zien dat er niet meer dan 50 personen in de tent aanwezig zijn.
De toegangen tot het terrein en de tent moeten worden vrijgehouden van geparkeerde auto’s, (brom)fietsen en overige obstakels.
De tent moet tot op een afstand van maximaal 30 meter bereikbaar zijn voor hulpverlenende diensten.
De ligging van de tent moet met inbegrip van eventuele scheerlijnen e.d. zodanig zijn, dat voldoende ruimte beschikbaar is, met een minimale breedte van 3,5 meter, voor een snelle en veilige ontvluchting vanuit de tent naar de openbare weg.
Open vuur in of nabij de tent is niet toegestaan.
rommelmarkten, tentoonstellingen, braderieën e.d. in gebouwen:
Alle voorschriften van de gebruiksvergunning van het gebouw blijven onverminderd van toepassing.
In vluchtwegen en in voor ontvluchting bestemde doorgangen en uitgangen mogen geen voorwerpen aanwezig zijn waardoor de benodigde vrije doorgang wordt verminderd of waaraan men zich kan verwonden of die de ontvluchting kunnen verhinderen.
Blusmiddelen, alarmeringsmiddelen, vluchtwegen en uitgangen moeten altijd goed zichtbaar, bruikbaar en gebruiksgereed worden gehouden.
Tussen de rijen stands, tafels, kramen en dergelijke moeten doorgangen van ten minste 1,1 meter breedte worden vrijgehouden.
Bij in rijen opgestelde zitplaatsen moet tussen de rijen, eventueel inclusief tafels, een vrije effectieve ruimte aanwezig zijn van tenminste 40 centimeter.
Bij in rijen opgestelde zitplaatsen moeten, indien een rij meer dan 4 stoelen bevat en 4 of meer rijen achter elkaar zijn geplaatst, deze zo zijn gekoppeld of aan de vloer zijn bevestigd dat deze door gedrang niet kunnen verschuiven of omvallen.
Een rij zitplaatsen die slechts aan één einde op een gangpad of uitgang uitkomt, mag niet meer dan 8 zitplaatsen bevatten.
Een rij zitplaatsen die aan beide einden op een gangpad of uitgang uitkomt, mag ten hoogste bevatten:
16 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen kleiner is dan 45 centimeter;
32 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen groter is dan 45 centimeter;
50 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen groter is dan 45 centimeter én aan beide einden van de rijen per 4 rijen een uitgang met een breedte van tenminste 1,10 meter aanwezig is.
Meubels en voor aankleding of versiering te gebruiken voorwerpen op minder dan 2,50 meter hoogte boven de vloer mogen slechts een zodanige ruimte beslaan dat ten minste:
0,25 m² vloeroppervlakte beschikbaar blijft voor iedere persoon waarvoor geen zitplaats aanwezig is;
0,30 m² voor iedere persoon waarvoor een zitplaats aanwezig is die zodanig is aangebracht dat deze door gedrang niet kan verschuiven of omvallen (gekoppelde zitplaatsen);
0,50 m² voor iedere persoon waarvoor een zitplaats aanwezig is die niet zodanig is aangebracht dat deze door gedrang niet kan verschuiven of omvallen (niet-gekoppelde zitplaatsen).
Alle deuren en ruimten waarin het publiek wordt toegelaten, moeten zodanig zijn uitgevoerd dat zij zonder gebruik te maken van sleutels of andere losse voorwerpen steeds onmiddellijk zijn te openen.
Kachels of verwarmingselementen met open vuur, open gloeidraden of open verwarmingselementen zijn verboden, met uitzondering van kook/baktoestellen. Verplaatsbare ruimteverwarmingstoestellen, straalkachels en direct gestookte hete luchtkanonnen zijn niet toegestaan.
Het is verboden met brandbaar gas gevulde tanks, flessen en ballons en licht ontvlambare vloeistoffen aanwezig te hebben, uitgezonderd gasflessen ten behoeve van kook/baktoestellen.
rommelmarkten, tentoonstellingen, braderieën e.d. in de open lucht:
De stands, kramen of podia moeten zodanig worden geplaatst dat alle toe- en uitgangen van woningen en/of bedrijven onbelemmerd te bereiken zijn.
Tussen de achterzijde van de stands, kramen of podia en de achterliggende bebouwing moet een strook van ten minste 1 meter breed worden vrijgehouden.
het gebruik van stoffering en versiering:
Versieringen van papier, dennengroen, weefsels, of andere brandbare stoffen, zijn niet toegestaan.
Stoffering en versiering mogen niet in contact komen met spots en andere warm wordende apparatuur.
Gordijnen en andere verticale stofferingen moeten 10 centimeter vrij van de vloer worden gehouden.
Tussen het vloeroppervlak en de versiering moet een vrije hoogte van minimaal 2,5 meter overblijven. Deze versiering mag niet gemakkelijk ontvlambaar zijn, in geval van brand mag geen druppelvorming plaatsvinden.
Met brandbaar gas gevulde ballonnen zijn niet toegestaan.
Wanneer er meer dan 50 personen aanwezig zijn moet het textiel door impregneren moeilijk brandbaar zijn gemaakt. Het impregneren moet uitgevoerd worden conform de voorschriften van de fabrikant.
het gebruik van kook- en baktoestellen:
Het gebruik van vetten en oliën is alleen toegestaan in thermisch beveiligde toestellen.
In de onmiddellijke nabijheid moet een draagbaar brandblusapparaat met een inhoud van minimaal 6 kg/L aanwezig zijn.
Bij het gebruik van pannen of toestellen voor bakken en braden moet een goed sluitende deksel en/of branddeken aanwezig zijn.
het gebruik van een barbecue of grill:
In de onmiddellijke nabijheid moet een draagbaar brandblusapparaat met een inhoud van minimaal 6 kg/L aanwezig zijn.
Bij windkracht 5 of hoger mag geen barbecue/grill worden ontstoken.
Bij inpandig gebruik is uitsluitend een barbecue/grill toegestaan die voorzien is van een gasdetectiesysteem dat bij een defect een geluidssignaal geeft en de gastoevoer automatisch afsluit.
het gebruik van gasflessen:
Brandbare vloeistoffen en gassen, evenals licht brandbare stoffen, mogen niet in tijdelijke bouwwerken aanwezig zijn. De opslag van deze stoffen moet ten minste 5 meter vanaf het bouwwerk zijn gelegen.
Het gebruik van andere brandbare gassen dan butaan of propaan is niet toegestaan. Het gebruik van LPG-tanks als brandstofreservoir voor verbruikstoestellen is eveneens niet toegestaan.
De verbinding tussen gasflessen en verbruikstoestellen moet bestaan uit een koperen leiding of uit een goedgekeurde slang.
De slangen tussen gasflessen en verbruikstoestellen moeten:
met behulp van deugdelijke slangklemmen zijn bevestigd;
zodanig zijn aangebracht dat deze vrij en niet onder spanning staan;
zodanig zijn aangebracht dat zij op geen enkele wijze aan ontoelaatbare temperatuursinvloeden of mechanische beschadigingen worden blootgesteld.
Daar waar het gevaar bestaat dat over gasleidingen gelopen wordt, moeten deze beschermd worden door een stevige afscherming.
De totale waterinhoud van de aanwezige gasflessen (gevulde en lege flessen gezamenlijk) mag maximaal 110 liter bedragen.
De gasflessen moeten tegen opwarming door zonnestraling worden beschermd.
Gasflessen waarvan de goedkeuring niet of meer dan 10 jaar geleden heeft plaatsgevonden, mogen niet aanwezig zijn.