Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36,
eerste lid Participatiewet als gedurende de referteperiode het in
aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 120% van de toepasselijke
bijstandsnorm zoals bedoeld in Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2 van de
Participatiewet, welke norm bij alleenstaande ouders wordt verhoogd met
20% van de norm voor gehuwden.
Artikel 4
Langdurig laag inkomen
Onderdeel van Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet 2015