**1..** De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma.
**2..** Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.
**3..** Het college informeert de raad vooraf als ze verwacht dat de lasten de geautoriseerde lasten of de investeringsuitgaven de geautoriseerde investeringskredieten dreigen te overschrijden of de baten de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft vervolgens aan of hij hiervoor een voorstel wil voor wijziging van het budget of een voorstel voor bijstelling van het beleid.
**4..** Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college vooraf aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor.
**5..** Indien, nadat de raad het Investeringsprogramma heeft vastgesteld, niet binnen 3 jaar een investeringskrediet is opgevoerd vervalt deze voorgenomen investering.
**6..** De door de raad geautoriseerde investeringskredieten vallen na toekenning weer vrij indien 3 jaar lang geen uitgaven verricht zijn, tenzij door het college van burgemeester en wethouders aannemelijk kan worden gemaakt dat het investeringskrediet behouden dient te blijven.
**7..** Indien, nadat de raad een investeringskrediet heeft vastgesteld, alsnog niet geraamde baten worden verkregen (bijvoorbeeld subsidies of bijdragen van derden) worden die bijdragen alsnog in mindering gebracht op het netto door de raad vastgestelde krediet. Hetzelfde is van toepassing als blijkt dat het krediet na vaststelling door de raad alsnog compensabel of verrekenbaar is voor de omzetbelasting.
Hoofdstuk 2.
Artikel 5.
Autorisatie begroting en investeringskredieten
Onderdeel van Verordening ex artikel 212 van de Gemeentewet