Zelf oplossen.
Primair stimuleert de gemeente de burger zelf de regie te voeren en eigen mogelijkheden te benutten. Daarvoor kijkt de Wmo-consulent of de medewerker van het Sociaal kernteam naar de persoonlijke eigenschappen van de zorgvrager, zijn talenten en vaardigheden, zingeving, desgewenst in combinatie met zijn directe omgeving.
Gebruikelijke hulp
Dit is hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Partners en inwonende gezinsleden staan elkaar bij in de normale dagelijkse zorg, zoals taken in het gezamenlijke huishouden, administratie, schoonmaken, elementaire zorgtaken, bezoek aan familie/instanties/arts, etc.. Voor het vaststellen van de hoeveelheid ondersteuning die ouders/gezinsleden redelijkerwijs zonder betaling bieden is de leidraad “gebruikelijke ondersteuning (volwassenen) en boven gebruikelijke ondersteuning (jeugd)” van toepassing (Verordening Wmo art.1 en art. 8). De gemeente werkt met protocollen waarin o.a. de regels van gebruikelijke zorg zijn opgenomen. De protocollen zijn mede gebaseerd op de protocollen die tot op heden door het CIZ worden gehanteerd.
Sociale omgeving.
Het sociale netwerk verwijst naar het netwerk van familie, buren en vrienden in de directe omgeving van de burger. De sociale omgeving is mogelijk bereid om (een deel van) de ondersteuning te bieden. Denk aan boodschappen doen of andere kleine klussen. Hieronder valt ook de mantelzorg.
Veel personen zijn bereid mantelzorg te verlenen. Deze vorm van ondersteuning gaat voor op ondersteuning van de gemeente. Tegelijk is deze vorm van hulp niet afdwingbaar en daarmee in de praktijk vaak incidenteel en aanvullend op andere vormen van professionele zorg. Indien noodzakelijk kan de gemeentelijke ondersteuning bestaan uit tijdelijke vervanging van de mantelzorger om overbelasting van de mantelzorger te voorkomen.
Wanneer de hulpvraag van de burger kan worden opgelost met ondersteuning door een mantelzorger of vrijwilliger, gaat dit voor op de verstrekking van een voorziening. Bij de beoordeling of dit een geschikte oplossing is, moet rekening worden gehouden met de belastbaarheid van de mantelzorger of vrijwilliger om overbelasting te voorkomen. Een voorbeeld daarvan is de verstrekking van een eenvoudige transportrolstoel. Deze kan geschikt zijn voor de cliënt met beperkingen. Als de mantelzorger – als gevolg van een lichte beperking die op zichzelf geen compensatie behoeft - niet in staat is de rolstoel te duwen, is de oplossing niet geschikt en zal rekening moeten worden gehouden met de omstandigheden van de mantelzorger. Voor het verkennen van de hulpvraag is het daarom van belang dat de mantelzorger aanwezig is bij het keukentafelgesprek.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.2.1
Eigen Kracht
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015