Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2.1.

Melding hulpvraag

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015

De melding is het vaststellen van een hulpvraag in het kader van maatschappelijke ondersteuning. Het college bevestigt de melding schriftelijk aan de cliënt. Bij die bevestiging wordt schriftelijke informatie verstrekt over de mogelijkheid tot het indienen van een ondersteuningsplan. De gemeente stelt een format beschikbaar voor het invullen van een ondersteuningsplan, in dat format worden de eisen genoemd voor het maken van het ondersteuningsplan. Tevens wordt algemene informatie meegezonden over de levering van een pgb. In spoedeisende gevallen als bedoeld in artikel 2.3.3 van de wet treft het college na de melding onverwijld een tijdelijke maatwerkvoorziening in afwachting van de uitkomst van het onderzoek. Als de cliënt genoegzaam bekend is bij de gemeente omdat hij al een maatwerkvoorziening heeft kan overwogen worden om af te zien van een vooronderzoek als het een aanpassing betreft van de maatwerkvoorziening. Wel dient een nieuwe afweging van de informatie plaats te vinden. Gemotiveerd ondersteuningsplan Om in aanmerking te komen voor een maatwerkvoorziening kan de cliënt een gemotiveerde aanvraag indienen. Een ondersteuningsplan is verplicht als de cliënt een maatwerkvoorziening geleverd wil hebben in de vorm van een pgb. Het college beoordeelt of dit plan voldoet. Door het opstellen van een ondersteuningsplan wordt de cliënt gestimuleerd na te denken over zijn zorgvraag, deze uit te werken en te concretiseren, en tevens het doelbereik en daarmee de kwaliteit van de zorg te evalueren. Als een cliënt in aanmerking wil komen voor een pgb is het maken van een ondersteuningsplan verplicht. In een ondersteuningsplan moeten een aantal omstandigheden beschreven worden, welke vervolgens door het college onderzocht moeten worden (waaronder artikel 2.3.2 lid 2 Wmo 2015): de behoeften, persoonskenmerken en de voorkeuren van de cliënt; de mogelijkheden om op eigen kracht of met gebruikelijke hulp zijn zelfredzaamheid of zijn participatie te verbeteren of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; de mogelijkheden om met mantelzorg of hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk te komen tot verbetering van zijn zelfredzaamheid of zijn participatie of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; de behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger van de cliënt; de mogelijkheden om met gebruikmaking van een algemene voorziening of door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten te komen tot verbetering van zijn zelfredzaamheid of zijn participatie, onderscheidenlijk de mogelijkheden om met gebruikmaking van een algemene voorziening te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang; de mogelijkheden om door middel van samenwerking met zorgverzekeraars en zorgaanbieders als bedoeld in de Zvw en partijen op het gebied van publieke gezondheid, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen, te komen tot een zo goed mogelijk afgestemde dienstverlening met het oog op de behoefte aan verbetering van zijn zelfredzaamheid, zijn participatie of aan beschermd wonen of opvang; welke bijdragen in de kosten de cliënt met toepassing van het bepaalde bij of krachtens artikel 2.1.4 van de wet, verschuldigd zal zijn. In het ondersteuningsplan kan de cliënt de wens opschrijven welke personen / organisaties zullen worden ingehuurd voor het leveren van de ondersteuning welke met het pgb wordt ingekocht. De gemeente heeft als richtlijn een format vastgesteld waarin de eisen zijn opgenomen waaraan een ondersteuningsplan minimaal moet voldoen. Het persoonlijk plan moet zo volledig mogelijk zijn en concreet omschrijven welke zorg er op welk moment nodig is en op welke manier de zelfredzaamheid (daar waar mogelijk) gerealiseerd wordt. Het vergroten van de zelfredzaamheid en participatie is omschreven in concrete resultaten. Door een concrete omschrijving wordt achteraf getoetst of de gestelde doelen worden gerealiseerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel