Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.1

Woonvoorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015

Om langer zelfstandig te kunnen blijven wonen in de eigen leefomgeving zijn er veel voorzieningen die dit mogelijk maken. In deze paragraaf een toelichting op verschillende vormen woonvoorzieningen en een aantal begrippen die bij de beoordeling van de noodzaak van een voorziening een rol spelen. Vormen van woonvoorzieningen: losse woonvoorzieningen; voorzieningen die niet nagelvast, dus verplaatsbaar zijn (bijvoorbeeld een tillift); bouwkundige woonvoorziening; nagelvaste voorzieningen (bv. een douchzitje aan de muur of het gelijkvloers maken van de toegang naar en in de woning); woningsanering, als sprake is van beperkingen ingevolge COPD, astma of allergie verhuiskostenvergoeding als de kosten/baten afweging aanleiding geeft tot een verhuizing. Relatief goedkope hulpmiddelen (waarvan de kosten van transport en reiniging voor herverstrekking niet opwegen tegen de kosten van verstrekking van een nieuw hulpmiddel), zullen in eigendom worden verstrekt. Losse voorzieningen zijn daarom veelal voorliggend op bouwkundige woonvoorzieningen. Bij het bepalen of al dan niet een bouwkundige woonvoorzieningen nodig is houdt het college rekening met de belangen van mantelzorgers, zoals bij tilliften en andere hulpmiddelen die door mantelzorgers bediend moeten worden. Een locatie die bestemd is voor doelgroepen (bijvoorbeeld woonservicelocatie) dient door de verhuurder bouwtechnisch geschikt gemaakt te worden voor het verhuur aan de doelgroep. Het aanpassen van doelgroepengebouwen zal gebeuren conform de afspraken zoals die door het college gemaakt zijn of worden met de (toekomstige) eigenaar van deze woningen. Indien een individuele maatwerkvoorzieningen nodig is kan de cliënt contact opnemen met het Sociaal kernteam of het Klanten contact centrum (KCC). Bouwkundige woonvoorzieningen in natura (met uitzondering van traplift en drempelhulpen) worden eigendom van de woningeigenaar. De woningeigenaar is verantwoordelijk voor onderhoud en reparatie van die voorzieningen. Trapliften en drempelhulpen worden altijd in bruikleen (natura) verleend. Deze zijn her inzetbaar waardoor kapitaalvernietiging kan worden voorkomen.

Rechtspraak bij dit artikel