Binnen vier weken na vaststelling van het programma treedt het
college in overleg met de
aanvrager over de wijze van de uitvoering van de op het programma
geplaatste voorziening. In
dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor het
uitvoeren van de voorziening en
worden, voor zover van toepassing, afspraken gemaakt over:
het bouwheerschap, bedoeld in artikel 103 van de Wet op het
primair onderwijs en artikel 76n van de Wet op het
voortgezet onderwijs;
het tijdstip waarop het bouwplan en de begroting door de
aanvrager worden ingediend;
als dit van toepassing is, een andere wijze waarop de
toegekende voorziening wordt uitgevoerd, met inachtneming
van het beschikbaar te stellen bedrag;
de wijze waarop het college het bouwplan en de begroting
toetst, en of het naar het oordeel van het college
noodzakelijk is bij het toetsen van het bouwplan en de
begroting rekening te houden met feiten en omstandigheden
die gewijzigd zijn ten opzichte van het moment waarop het
programma is vastgesteld, waardoor het eerder genomen
besluit kan worden herzien;
de controle op en het afleggen van verantwoording over het
besteden van de beschikbaar te stellen middelen;
de wijze waarop de aanbesteding plaatsvindt;
De inhoud van de afspraken of het feit dat het
overleg niet tot overeenstemming heeft geleid legt
het college schriftelijk vast in een verslag. De
aanvrager ontvangt het verslag binnen vier weken na
het overleg. Als de aanvrager niet binnen twee
wekennadat het verslag is ontvangen
schriftelijk reageert, wordt, afhankelijk van de
inhoud van het vastgestelde verslag, geacht
overeenstemming of geen overeenstemming te zijn
bereikt.
Bij het toepassen van artikel 14, tweede lid, neemt
het college binnen vier weken nadat overeenstemming
is bereikt een beslissing over het tijdstip waarop
de bekostiging aanvangt. Het bepaalde in artikel 15
is daarbij van overeenkomstige toepassing.
Als in het overleg geen overeenstemming is bereikt,
deelt het college dit binnen
vierwekennadat het verslag is
vastgesteld schriftelijk mede aan de aanvrager en
vermeldt gelijktijdig dat het bekostigen van de
uitvoering van de voorziening geen aanvang zal
nemen.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 13
Overleg wijze van uitvoering
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Twenterand 2015