De adviesraad bestaat uit een, door het college vast te stellen,
aantal van tenminste vijf en ten hoogste tien leden onder wie de
voorzitter.
De leden van de adviesraad worden benoemd op basis van hun
persoonlijke kwaliteiten; zij moeten zoveel mogelijk voldoen aan een
door het college vastgesteld profiel.
De adviesraad doet zijn werk zonder last en ruggespraak, dat wil
zeggen in vrijheid en ongebondenheid.