Indien een belanghebbende een tekortschietend besef van
verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft betoond
als bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet, wordt de norm
verlaagd:
met 100% gedurende één maand, indien belanghebbende door de
gedraging verwijtbaar geen of geen volledig recht heeft op een
uitkering krachtens een sociale verzekering of een daarmee naar
aard en doel overeenkomende buitenlandse regeling of private
verzekering;
met 100% gedurende de periode die belanghebbende niet op
bijstand zou zijn aangewezen indien hij op verantwoordelijke
wijze de middelen waarover hij beschikte of redelijkerwijs kon
beschikken zou hebben aangewend.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 12.
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Verordening afstemming en handhaving Participatiewet c.a. 2015