Als een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover personen en
instanties die zijn belast met de uitvoering van de wet als bedoeld in
artikel 9, zesde lid, van die wet, tegenover personen en instanties die
zijn belast met de uitvoering van de IOAW als bedoeld in artikel 37,
eerste lid, onder g,
van die wet of tegenover personen en instanties die zijn belast met de
uitvoering van de IOAZ als bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder g,
van die wet, wordt een verlaging opgelegd van:
100% van de norm gedurende één maand, bij het uitoefenen van
fysiek geweld tegen de genoemde personen;
50% van de norm gedurende één maand, bij het uitoefenen van
fysiek geweld tegen materiële zaken en bij mondelinge of
schriftelijke bedreigingen gericht tegen de genoemde
personen.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 14.
Zeer ernstige misdragingen
Onderdeel van Verordening afstemming en handhaving Participatiewet c.a. 2015