**1..** Op basis van liquiditeitsprognoses becijferde overtollige liquide middelen worden, met uitzondering van het zogenaamde drempelbedrag, aangehouden bij ’s Rijks schatkist.
**2..** Koersrisico's op uitzettingen tot maximaal het drempelbedrag in vastrentende waarden worden beperkt door de omvang en de (resterende) looptijd te matchen met de omvang en looptijd van de verwachte beschikbare liquide middelen.
**3..** Voor de uitzettingen, tot aan het drempelbedrag, kunnen de volgende producten worden ingezet:
rekening-courant
spaarrekening
daggeld
deposito’s
obligaties
obligatiefondsen
garantieproducten met een Fidoproof goedkeuring van het ministerie van Binnenlandse Zaken
**4..** Uitzettingen in aandelen zijn niet toegestaan behalve voor zover deze gekocht worden in het kader van de uitoefening van de publieke taak.
**5..** Risico's bij uitzettingen in vastrentende waarden dienen te worden beperkt door slechts uitzettingen met een looptijd van 3 maanden of langer te doen bij financiële ondernemingen die:
gevestigd zijn in een lidstaat die ten minste beschikt over een AA-rating afgegeven door ten minste 2 ratingbureaus;
voor henzelf of voor de door hen uitgegeven waardepapieren kan aantonen dat ze ten minste over AA-minusrating, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus.
**6..** Voor uitzettingen met een looptijd van minder dan 3 maanden geldt dat in afwijking van lid 3b een financiële onderneming moet kunnen aantonen dat waardepapieren met ten minste een A-rating, afgegeven door ten minste 2 ratingbureaus.
**7..** Lid 5 en 6 gelden niet voor uitzettingen tegen waardepapieren waarvoor een solvabiliteitsratio van 0% geldt.
Financiering
Artikel 4
Richtlijnen en limieten uitzettingen
Onderdeel van Treasurystatuut Gemeente Losser 2015