Naar hoofdinhoud
In sommige gevallen is het niet nodig of niet redelijk om kwijtschelding te verlenen. Indien en voor zover de vordering is gedekt door zekerheden, dient kwijtschelding geen redelijk doel (eerste lid). Als de kwijtschelding is verleend op basis van een onjuiste voorstelling van zaken door de debiteur, hoeft het besluit niet in stand te blijven (tweede lid). Kwijtschelding is bij voorkeur bedoeld voor welwillende debiteuren, dus niet voor degenen die blijven frauderen, of degenen die niet ten volle aan hun arbeidsverplichtingen voldoen (derde lid). KWIJTSCHELDING VAN EEN VORDERING IN VERBAND MET KRUIMELBEDRAGEN

Rechtspraak bij dit artikel