Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Opdragen en inhoud van participatie naar vermogen

Onderdeel van Verordening Tegenprestatie Participatiewet 2015

1.. Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als participatie voor zover die werkzaamheden: niet zijn gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt; niet zijn bedoeld als re-integratie instrument; worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid; niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. 2.. Bij het bepalen van de aard, de duur en de omvang van de maatschappelijke participatie houdt het college rekening met de individuele omstandigheden van de belanghebbende.

Rechtspraak bij dit artikel