Het uitgangspunt is dat de medewerker afspraken voor dokters-,
tandarts- enziekenhuisbezoek buiten de werktijd maakt.
Wanneer het niet mogelijk is om een bezoek als bedoeld in het
1e lid buiten de werktijd te laten plaats vinden, treden
de leidinggevende en de medewerker in overleg over of en zo ja hoe
de medewerker die uren compenseert.
In afwijking van het 1e lid wordt een bezoek aan de
bedrijfsarts aangemerkt als werktijd.