Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Bereikbaarheid en opstelling

Onderdeel van Nadere regels voor het gebruik van terreinen waaronder ook kermisterreinen 2015

1.. Er moet ten behoeve van het verkeer van de hulpverlenende diensten (politie, brandweer, ambulance), een doorgaande route met een breedte van 3,5 m en een hoogte van 4,2 m zijn vrijgehouden. Hekwerken die deze route blokkeren moeten snel en gemakkelijk kunnen worden verwijderd. In deze route mogen geen belemmeringen (zoals vlaggen, kledingrekken en dergelijke) zijn geplaatst. 2.. Brandkranen en overige bluswaterwinplaatsen moeten zijn vrijgehouden en altijd bereikbaar zijn voor brandweervoertuigen. 3.. Rondom een tijdelijke inrichting moet een ruimte zijn vrijgehouden van ten minste 5 m. De inrichting mag voor een “blinde” gevel worden en beschikt over een weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO) van ten minste 30 minuten. 4.. De afstand tussen tegenover elkaar geplaatste kramen moet, gemeten tussen de luifels, ten minste 3,5 m bedragen. 5.. Het uitstallen van goederen en het plaatsen van kledingrekken e.d., al dan niet verrijdbaar, binnen de voorgenoemde 3,5 m is verboden. 6.. Het aanbrengen van borden, vlaggen e.d. aan de luifels binnen de voornoemde 3,5 m is verboden. 7.. Auto’s, trekkers, aanhangwagens, aggregaten, containers e.d. mogen uitsluitend op het kermisterrein aanwezig zijn, als zij op de daarvoor bestemde en goedgekeurde plaats zijn opgesteld, waartoe vooraf een tekening van het feestterrein ter goedkeuring bij de Veiligheidsregio Zeeland moet worden ingediend.

Rechtspraak bij dit artikel