Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 37a

Mondeling te beantwoorden vragen voor het college

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Zeist

1. Mondeling te beantwoorden vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. 2. De vragen worden schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en het college worden gebracht. 3. De vragen worden geplaatst op de agenda voor de eerstvolgende vergadering, mits de vragen op de dag van die vergadering vóór 8.00 uur bij de raadsgriffie zijn ontvangen. Van deze termijn kan in spoedeisende gevallen worden afgeweken. 4. De vragen worden op de agenda geplaatst onmiddellijk na het punt “Ingekomen stukken”, doch indien een interpellatie wordt gehouden onmiddellijk daarna. De vragen worden behandeld in de volgorde, waarin ze bij de voorzitter zijn ingediend. De voorzitter kan van deze volgorde afwijken, indien hij dit nodig oordeelt. 5. Bij de behandeling van een mondelinge te beantwoorden vraag geldt als eerste spreektermijn het stellen van de vraag en het beantwoorden van de vraag door het lid of de leden van het college, of van de burgemeester. In tweede termijn spreekt de vragensteller niet langer dan twee minuten. Hierna kan ieder ander lid korte aanvullende vragen stellen; indien van deze gelegenheid gebruik wordt gemaakt, geldt eveneens een spreektijd van twee minuten. 6. Aan de behandeling van het agendapunt “Mondeling te beantwoorden vragen” wordt ten hoogste een half uur besteed.

Rechtspraak bij dit artikel