Naar hoofdinhoud

Artikel 9.

Voorwaarden voor aanwijzing van een gemeentehuis waar trouwerijen plaatsvinden

Onderdeel van Reglement burgerlijke stand Vlissingen 2007

1.. Als gemeentehuis kunnen slechts gebouwen worden aangewezen waarvan het gebruik een permanent karakter draagt. 2.. De beleidsregel van 29 februari 2000 is van toepassing op trouwlocaties; een locatie dient naast het hebben van een duidelijke meerwaarde en een bijzondere uitstraling bovendien uniek, onvergelijkbaar te zijn. 3.. De wijze van gebruik tijdens de trouwerij wordt bepaald door de ambtenaar van de burgerlijke stand. 4.. Wettelijke bepalingen betreffende de openbaarheid dienen in acht te worden genomen. 5.. De eigenaar/beheerder van een als gemeentehuis aangewezen locatie dient de locatie naar behoren in te richten. Hieronder wordt tenminste verstaan: de aanwezigheid van een tafel en voldoende stoelen; een voldoende verlichting van de ruimte; een geschikte ruimte waar de ambtenaar van de burgerlijke stand of de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand zich even kan terugtrekken en waardevolle materialen kan opbergen; toiletvoorzieningen; brandveiligheidsvoorzieningen. 6.. Het aan te wijzen gebouw moet in principe toegankelijk zijn voor in- en mindervaliden. 7.. Aanwijzing tot trouwlocatie leidt niet tot enige verantwoordelijkheid van de gemeente voor de inrichting, aankleding en verzorging van de locatie, noch tot het verstrekken van enige vergoeding bij beschadiging van goederen die zich op of in een locatie bevindenDe ontvangst en begeleiding op het daartoe aangewezen gemeentehuis geschiedt door een aangewezen gastvrouw of gastheer. 8.. De afrekening geschiedt door het in rekening brengen van de huursom aan de gemeente. 9.. Dieren worden niet toegelaten in de trouwzalen, tenzij uit medische noodzaak. 10.. Het niet voldoen aan de bepalingen van dit artikel kan een reden zijn om de trouwerij niet op de overeengekomen tijd en locatie te laten plaatsvinden. 11.. Jaarlijks vindt een geschiktheidscontrole plaats van de trouwlocaties.

Rechtspraak bij dit artikel