Naar hoofdinhoud
1.. De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter dit noodzakelijk acht. 2.. De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. De voorzitter doet van elke vergadering tenminste vierentwintig uur tevoren aankondiging aan de leden en adviseurs van de commissie. 3.. De commissie vergadert niet als niet tenminste de helft plus één van het aantal leden aanwezig is. 4.. Ieder lid van de commissie heeft één stem. 5.. De commissie besluit bij de voorbereiding van een aanbeveling bij meerderheid van uitgebrachte stemmen. Bij het staken van de stemmen over de uit te brengen bevindingen is de stem van de voorzitter beslissend. De commissie streeft naar unanimiteit. Het gevoelen van de minderheid wordt in het verslag tot uitdrukking gebracht.

Rechtspraak bij dit artikel