Als op grond van artikel 50, eerste lid, Participatiewet recht bestaat op algemene bijstand, wordt deze verleend onder de verplichting dat belanghebbende meewerkt aan het vestigen van een geldlening, krediethypotheek of pandrecht tot meerdere zekerheid van terugbetaling van geldleningen, overeenkomstig artikel 48, derde lid, Participatiewet.
Indien belanghebbende deze verplichting niet nakomt wordt de bijstand beëindigd en is de al verstrekte bijstand als geldlening direct opeisbaar.
Indien in eerste aanleg van het onderzoek al blijkt dat er sprake zal zijn van vermogen gebonden in de woning met bijbehorend erf welke hoger is dan de grens als genoemd in artikel 34, tweede lid, onderdeel d van de Participatiewet, dient belanghebbende een voorlopige bereidverklaring vestiging geldlening, krediethypotheek of pandrecht te ondertekenen.
Artikel 1
Verplichting tot meewerken
Onderdeel van Beleidsregel Bijstandsverlening bij eigen woningbezit