Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 4

Algemene uitgangspunten inzet re-integratievoorzieningen

Onderdeel van Verordening Participatiewet 2017

Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van de uitvoering van de in deze verordening genoemde voorzieningen. Voor niet-uitkeringsgerechtigden (nuggers) wordt de basisdienstverlening van het Werkplein Activerium ingezet, zoals werkgeversbenadering, vacatureaanbod en bemiddeling, tenzij naar het oordeel van het college de inzet van een voorziening als bedoeld in hoofdstuk 2 van deze verordening in het individuele geval noodzakelijk is. Het college kan de voorzieningen bedoeld in hoofdstuk 2 aanbieden aan de doelgroep. De voorziening moet gericht zijn op arbeidsinschakeling en bijdragen aan het mogelijk maken van reguliere arbeid. Het college houdt bij de inzet van een re-integratievoorziening rekening met concurrentieverhoudingen en verdringing op de arbeidsmarkt. Indien arbeidsinschakeling (nog) niet mogelijk is, is de voorziening gericht op het wegnemen van belemmeringen en/of actieve deelname aan de samenleving. Bij de keuze voor de in te zetten voorziening worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: De kortste weg naar werk staat voorop; Daar waar nog mogelijkheden zijn voor het volgen van onderwijs en/of werk geen optie is, kan scholing onderdeel van het aanbod zijn; Er wordt uitgegaan van de mogelijkheden en niet van de beperkingen; Waar mogelijk worden groepsgewijs ondersteunende re-integratievoorzieningen ingezet; Bij de inzet van ondersteuning wordt rekening gehouden met de op dat moment geldende en toekomstige vraag naar arbeidskrachten; Reguliere werkgevers worden zoveel als mogelijk bij het re-integratie- en plaatsingsproces betrokken en middels in te zetten voorzieningen ondersteund bij indienstneming van de doelgroep. Het college stelt in het plan van aanpak, na overleg met de belanghebbende,vast welke voorziening wordt aangeboden aan een persoon uit de doelgroep.

Rechtspraak bij dit artikel