Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk Algemene bepalingen

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Studiefaciliteitenverordening 1993

1.. Vergoeding van studiekosten wordt eerst gegeven, nadat de ambtenaar schriftelijk heeft verklaard dat hij/zij de uit dien hoofde genoten- bedragen zal terugbetalen, indien: a. hij/zij de hem ingevolge artikel 6 opgelegde verplichtingen niet nakomt; b. hij/zij de studie, waarvoor de vergoeding is verleend, beëindigt voordat de in artikel 4, leden 1 en 2, bedoelde termijnen zijn verstreken en/of zonder dat de studie tot het behalen van een diploma heeft geleid; c. vergoeding wordt gestaakt op grond van artikel 5; d. hij/zij op eigen verzoek of ten gevolge van aan hem/haarzelf te wijten feiten of omstandigheden wordt ontslagen voor het einde van de studie waarvoor vergoeding is toegekend of binnen twee jaren na het behalen van het voor deze studie geldende diploma; e. hij/zij op eigen verzoek of ten gevolge van aan hem/haarzelf te wijten feiten of omstandigheden wordt ontslagen binnen twee jaren na het beëindigen van de studie zonder dat het - na het ver strijken van de termijnen bedoeld in artikel 4, leden 1 en 2 - afgelegde examen tot het behalen van een diploma heeft geleid. 2.. De terugbetalingsverplichting op grond van het gestelde in lid 1 onder b. van dit artikel vervalt, indien voortzetting van de studie redelijkerwijs, zulks naar het oordeel van burgemeester en wethouders, niet van hem/haar kan worden verlangd. 3.. Indien op de datum van ingang van het ontslag van de in lid 1, onder d. en e. bedoelde termijn van twee jaren ten minste één jaar is verstreken blijft de verplichting tot terugbetaling beperkt tot 1/24 gedeelte van de genoten bedragen voor iedere volle maand, die aan de termijn van twee jaren ontbreekt. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen de ambtenaar op zijn verzoek, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, ontheffen van de op hem/haar rustende verplichting tot terugbetaling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel