Naar hoofdinhoud
1.. Het college nodigt de cliënt met een hulpvraag als bedoeld artikel 2.1, eerste lid, van de Verordening zo spoedig mogelijk na de bevestiging van ontvangst van de hulpvraag uit voor het gesprek. In dit eerste contact komen in ieder geval de procedureregels, de mogelijkheden van (gratis) clientondersteuning en het persoonlijk plan aan de orde. 2.. Ingeval van mantelzorg wordt, indien de cliënt dat wenst of het college dat noodzakelijk acht, de mantelzorger(s) uitgenodigd voor het gesprek. 3.. Het college kan voorafgaande aan het gesprek als bedoeld in het eerste lid eerst de van belang zijnde gegevens voor dat gesprek verzamelen alvorens een afspraak wordt gemaakt. 4.. Bij het gesprek staat het belang van de cliënt centraal. 5.. Het college wijst de cliënt voorafgaande aan het gesprek op de mogelijkheid van het indienen van een persoonlijk plan. 6.. Gedurende het gesprek, als bedoeld in artikel 2.3, wordt gesproken over de terreinen van beperkingen, gebruikelijke hulp en mantelzorg, algemeen gebruikelijke voorzieningen, de zelfredzaamheid en de afstemming met de Wet Langdurige Zorg (WLZ), indien dit aan de orde is. 7. . In het geval dat een cliënt voldoende zelfredzaam wordt geacht en beschikt over de mogelijkheden om zorg zelf te organiseren, kan het college de cliënt verzoeken om zelf in de voorziening te voorzien.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel