Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2

Intrekken bij stilliggen uitvoering vergunde activiteit(en)

Onderdeel van Beleidsregels intrekken omgevingsvergunningen gemeente Den Helder

a.. Vergunningen die op grond van artikel 2.33, lid 2 kunnen worden ingetrokken indien gedurende een periode van 26 weken geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning, worden na het verstrijken van deze termijn direct ingetrokken, doch niet eerder dan na het verstrijken van een termijn van 52 weken na het onherroepelijk worden van de vergunning. b.. Vergunningen die op grond van artikel 2.33, lid 2 kunnen worden ingetrokken indien gedurende een periode van 3 jaar geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning, worden na het verstrijken van deze termijn direct ingetrokken. c.. Uitzondering op het in lid 2.1 onder a bepaalde wordt gemaakt indien voor het gebied waarin de vergunde activiteit(en) is/zijn gelegen een bestemmingsplan in voorbereiding is en de vergunde activiteit het toekomstig planologisch kader frustreert. Hierbij moet ten minste sprake zijn van een ontwerp bestemmingsplan welke ter inzage is gelegd en gepubliceerd. In dit geval kan direct na het ongebruikt verstrijken van 26 weken de vergunning worden ingetrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel