Naar hoofdinhoud

Artikel 12.

Slotbepalingen

Onderdeel van Werktijdenregeling gemeente Vlissingen

Deze regeling kan worden aangehaald als 'Werktijdenregeling gemeente Vlissingen' en treedt in werking met ingang van 1 mei 2015. De 'Regeling variabele werktijden in de gemeente Vlissingen' vastgesteld door het college op 18 maart 2008, wordt met ingang van 1 mei 2015 ingetrokken. Vlissingen, 23 maart 2015 Burgemeester en wethouders van Vlissingen de secretaris, de burgemeester, mr.drs.ing. M. (Martin) van Vliet A.M. Demmers-van der Geest Toelichting Regeling werktijden gemeente Algemene toelichting LOGA (Landelijk Overleg Gemeentelijke Arbeidsvoorwaarden)- partijen hebben in de CAO 2011-2012 afspraken gemaakt over flexibilisering van de werktijden, aansluitend bij de behoefte van werkgevers en werknemers. De standaardregeling is de norm, de bijzondere regeling de uitzondering. Uitgangspunt bij de standaardregeling is dat de medewerker (enige) vrijheid heeft bij het bepalen van zijn werktijden. Dit betekent niet dat er sprake moet zijn van volledige zeggenschap van de medewerker, dit zou ook strijdig zijn met de gezagsverhouding die de relatie werkgever en werknemer typeert. De medewerker heeft een zekere vrijheid in het in het bepalen van zijn werktijden. De ene dag werkt hij meer omdat hij een deadline moet halen, dit compenseert hij door op een ander moment minder te werken. De werkgever kan wel van de medewerker verlangen dat hij op aangewezen momenten aanwezig of beschikbaar is omdat dit bij de uitoefening van zijn functie hoort. Dat strijdt niet met de standaardregeling. Uitgangspunt is goed werkgeverschap en goed werknemerschap. De leidinggevende geeft ruimte en vertrouwen, de medewerker draagt een grote professionele verantwoordelijkheid. Indien de functie van dien aard is dat er niet of nauwelijks sprake is van zeggenschap van de medewerker, dan kan de standaardregeling niet meer van toepassing zijn. In dat geval worden de werktijden eenzijdig vastgesteld door het college en geldt de bijzondere regeling. In de bijlage bij deze regeling is vastgesteld voor welke groepen medewerkers de bijzondere regeling van toepassing is. In aansluiting op de bepalingen in hoofdstuk 4 van de CAR/UWO heeft de gemeente Vlissingen een werktijdenregeling vastgesteld. De bepalingen uit hoofdstuk 4 van de CAR/UWO vormen tezamen met de werktijdenregeling één geheel. Artikel 4 Werk- en pauzetijden De gemeente Vlissingen hanteert de maximale werktijden volgens de arbeidstijdenwet. De medewerker krijgt hierdoor meer ruimte om de werktijden flexibel in te delen. Hierbij is het de eigen verantwoordelijkheid van de medewerker om gezond en effectief te blijven werken. Artikel 5 Bezoek aan medische instanties In principe vindt bezoek aan medische instanties plaats in de eigen tijd. Wanneer dit niet kan, bijvoorbeeld door het vaste rooster, de structurele aard van het bezoek of wanneer de huisarts/tandarts niet in de buurt van de gemeente Vlissingen is, dan overleggen medewerker en leidinggevende voor een oplossing. Dit kan zijn gedeeltelijk of geheel kort medisch verzuim onder werktijd of bijvoorbeeld thuiswerken om zo min mogelijk tijd te verliezen. Artikel 7 Bezetting en basisafspraken De basisafspraken zoals genoemd in lid 3 bevatten afspraken over werktijden, verlof en werkplanning. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling dat er een vast rooster wordt afgesproken, flexibiliteit en zeggenschap van de medewerker is het uitgangspunt. Deze basisafspraken kunnen onder andere gaan over: de (gemiddelde) arbeidsduur per week; de tijden waarbinnen arbeid wordt verricht (al dan niet variabel); zogenaamde individuele "bloktijden; de aanwezigheid bij vergaderingen (o.m. afdelingsoverleg); bezetting en bereikbaarheid van de afdeling; deelname aan/leiden van projectgroepen (garanties t.a.v. continuïteit en planning); flexibele opstelling van de medewerker indien de organisatie of het werk dit noodzakelijk maakt in incidentele gevallen. afspraken over tijd- en plaatsonafhankelijk werken zoals genoemd in lid 6. de periode waarvoor deze afspraken gelden; Voor wat betreft de afspraken die gemaakt worden over tijd- en plaatsonafhankelijk werken is het uitgangspunt dat de medewerker de mogelijkheid heeft om thuis te werken. Een goede bedrijfsvoering en de dienstverlening aan de burgers mag hierdoor echter niet verstoord worden. Over thuiswerken worden duidelijke afspraken gemaakt, waarbij je kunt denken aan de aard of het soort van de werkzaamheden die op afstand plaatsvinden, bereikbaarheid en (maximale) frequentie. Vanaf januari 2015 worden de ICT voorzieningen vernieuwd waardoor het makkelijker wordt om tijd- en plaatsonafhankelijk te werken. Het kan echter ook voorkomen dat de functie van de medewerker het niet toelaat om tijd- en plaatsonafhankelijk te werken, ook kunnen er andere belangrijke redenen zijn waardoor het niet wenselijk is dat een medewerker thuis gaat werken. De leidinggevende bespreekt dit met de medewerker en legt gemotiveerd uit waarom het niet mogelijk is. Artikel 8 Tijdregistratie Het kloksaldo mag aan het eind van het kalenderjaar niet lager zijn dan 10 uur negatief en niet hoger dan 60 uur positief. Indien het saldo buiten deze grenzen ligt, dan overlegt de leidinggevende met de medewerker om tot een passende oplossing te komen. Als de medewerker een hoger saldo heeft, is toestemming van het college nodig om deze uren mee te nemen naar volgend jaar. Bijzondere regeling Voor de medewerkers die vanwege hun functie onder de bijzondere regeling vallen, blijven de aanspraken op een vergoeding voor overwerk, onregelmatige dienst, beschikbaarheidsdienst en verschuiving van werktijd onverkort van kracht. Tijdsregistratie middels geautomatiseerd systeem en het opbouwen van variabel saldo is niet van toepassing voor de medewerkers in de bijzondere regeling, zij werken volgens een door het college vastgesteld rooster. Bijlage 1 Bijzondere regeling In artikel 10 van de werktijdenregeling is bepaald dat het college functiegroepen aanwijst waarvoor de bijzondere regeling van de werktijden van toepassing is. Dit betreft functiegroepen waarbij de betreffende medewerkers niet of nauwelijks zeggenschap hebben in het bepalen van de individuele werktijden. De werktijden worden, voor de functiegroepen genoemd in deze bijlage, eenzijdig door het college vastgesteld. Het betreft de medewerkers van de afdeling Beheer Leefomgeving die in een vast rooster werken en het team Buitengewoon opsporingsambtenaren in het cluster Handhaving. Het gaat om de volgende functiegroepen van de betreffende clusters: Afdeling Beheer Leefomgeving Cluster Beleid, service en reiniging Monteur gemeentelijke werkplaats (Medewerker beheer & onderhoud) Allround chauffeur/belader (Medewerker beheer & onderhoud) Serviceteam/veegdienst (Medewerker beheer & onderhoud) Cluster Groen sport en begraafplaatsen Groenvoorziener (Medewerker beheer & onderhoud) Groenvoorziener/begraver (Medewerker beheer & onderhoud) Voorman Groenvoorziener (Medewerker beheer & onderhoud) Voorman Groenvoorziener/begraver (Medewerker beheer & onderhoud) Groenvoorziener sportvelden (Medewerker beheer & onderhoud) Beheerder sportaccommodaties (Medewerker beheer & onderhoud) Meewerkend voorman sport (Medewerker dienstverlening C) Cluster Realisatie Techniek en Accommodaties Vredehoflaan Stratenmaker (Medewerker beheer & onderhoud C) Terreinbeheerder (Medewerker beheer & onderhoud C) Afdeling Publiekszaken Cluster Handhaving Buitengewoon opsporingsambtenaren (Medewerker dienstverlening)

Rechtspraak bij dit artikel