Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening Wmo 2015 gemeente Midden-Drenthe

1.. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor een zaak wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van de in de situatie van de cliënt goedkoopst compenserende voorziening in natura. 2.. Voor zover dit geen onderdeel is van het, met inachtneming van lid 1 bepaalde, persoonsgebonden budget, kan het bedrag worden aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering. 3.. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten. 4.. In afwijking van het bepaalde in het derde lid bedraagt de hoogte van het pgb tarief voor een maatwerkvoorziening op grond van de Wmo voor wat betreft begeleiding, dagopvang/ dagbesteding, en logeren: voor een professional, niet zijnde een persoon uit het sociale netwerk: begeleiding € 31,34 per uur, inclusief vervoer; dagopvang/dagbesteding € 43,41 per dagdeel, inclusief vervoer; logeren    € 151,02 per etmaal inclusief vervoer; voor ondersteuning uit het sociaal netwerk: begeleiding € 20,00 per uur, inclusief vervoer; dagopvang/dagbesteding € 26,20 per dagdeel, inclusief vervoer; logeren    € 56,40 per etmaal, inclusief vervoer; welke bedragen jaarlijks worden geïndiceerd aan de hand van het cao-loonindexcijfer van de sector overheid en zorg van november, zoals gepubliceerd door het Centraal bureau voor de statistiek. 5.. Een persoonsgebonden budget dient door de cliënt binnen zes maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt. 6.. Het college bepaalt bij nadere regeling welke voorwaarden gesteld worden aan de verstrekking van een persoonsgebonden budget, waaronder de voorwaarden voor het betrekken van ondersteuning van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. 7.. Tussenpersonen of belangenbehartigers mogen niet uit het persoonsgebonden budget worden betaald. 8.. Het college kan in een financieel besluit de bedragen als genoemd in dit artikel vaststellen.

Rechtspraak bij dit artikel