In gevallen waarin toepassing van dit Sociaal Statuut zou leiden
tot een onbillijke situatie voor een ambtenaar, kan het college
van dit Sociaal Statuut afwijken in een voor de ambtenaar
gunstige zin.
In gevallen waarin het Sociaal Statuut niet voorziet, beslist
het college; het college legt het besluit gemotiveerd voor aan
de Commissie voor het Georganiseerd Overleg. Het bepaalde in
hoofdstuk 12 van het AR vormt daarbij het uitgangspunt.
In geval van een conflict tussen werkgever en Georganiseerd
Overleg omtrent de toepassing of uitleg van dit Sociaal Statuut
wordt gehandeld naar de bepalingen zoals geformuleerd in
hoofdstuk 12 van het AR.
Partijen treden met elkaar in overleg als externe factoren het
noodzakelijk maken tot andere afspraken te komen dan in dit
Sociaal Statuut vastgelegd.