De rechtspositieregelingen en de beleidsregels, met inbegrip van de regelingen voor het houden van functionerings- en beoordelingsgesprekken, zoals bij de inwerkingtreding van deze verordening van toepassing voor de onder het gezag van het college ressorterende ambtenaren, zijn, zoals deze bij de inwerkingtreding van deze verordening luiden, van overeenkomstige toepassing op de griffier en de griffiemedewerkers, behoudens voor zover bij of krachtens deze verordening of enig ander besluit van de raad een bijzondere regeling is getroffen.