Eerste lid
In artikel 17, eerste lid, WWB is bepaald dat belanghebbende op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling doet van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op zijn arbeidsinschakeling of het recht op bijstand. Onverwijld wil zeggen direct, telefonisch of schriftelijk, uiterlijk door vermelding op het maandelijks in te sturen rof. De ernst van de gedraging komt tot uitdrukking in de hoogte van het benadelingsbedrag. Dat is het door de gemeente te veel betaalde bedrag aan bijstand.
Tweede lid
De maatregel wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de WWB wordt afhankelijk gesteld van de hoogte van het bedrag aan bijstand dat als gevolg van de schending van die verplichting ten onrechte of te veel aan de belanghebbende is betaald.
De maatregel wordt toegepast op de toekomstige bijstandsuitkering van de belanghebbende.
Derde lid
Voor gemeenten bestaat de verplichting om proces-verbaal op te maken en aangifte te doen bij het Openbaar Ministerie indien er sprake is van fraude en het benadelingsbedrag hoger is dan (momenteel) € 10.000,- (de zogenoemde (landelijke) Aangifterichtlijn sociale zekerheid, welke richtlijn periodiek wordt aangepast). Uitgangspunt is het ‘una via’ beginsel. De belanghebbende wordt hetzij door de gemeente, hetzij door OM of strafrechter gesanctioneerd, niet door beide.
HOOFDSTUK 3:
Artikel 12:
Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de bijstand
Onderdeel van Verordening Afstemming Wet Werk en Bijstand 2010