**1..** Over voorliggende geagendeerde voorstellen, die niet in een
voorbereidende vergadering aan de orde zijn geweest, kunnen, na
vaststelling van de agenda, belanghebbenden gezamenlijk
gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren en daarover
hun mening kenbaar maken.
**2..** Het spreekrecht dient er niet voor om van het gemeentebestuur
antwoord te krijgen op gestelde vragen.
**3..** Het woord kan niet gevoerd worden:
over een te nemen beslissing op een bezwaarschrift;
over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
van personen;
indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
bestuursrecht kan of kon worden ingediend;
over de stukken die vermeld staan op de Lijst van
ingekomen stukken.
**4..** Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten
minste vóór 10.00 uur op de dag van de raadsvergadering aan de
griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en
telefoonnummer, het onderwerp waarover hij het woord wil voeren
en welk belang hij heeft bij het onderwerp.
**5..** De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
belang is van de orde van de vergadering.
**6..** Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in
bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de
spreektijd.
**7..** De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
verleend. De inbreng van de burger kunnen de raadsleden
desgewenst bij hun overwegingen en besluitvorming
betrekken.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2
Artikel 18
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Reglement van orde van de raad 2014