Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36,
eerste lid, van de wet als gedurende de referteperiode het in aanmerking
te nemen inkomen niet hoger was dan 100% van de toepasselijke
bijstandsnorm en er geen in aanmerking te nemen vermogen is als bedoeld
in artikel 34 van de Participatiewet.
Hoofdstuk 2
Artikel 4
Langdurig laag inkomen
Onderdeel van Verordening individuele inkomenstoeslag 2015