Naar hoofdinhoud
1.. Het verslag van de hoorzitting als bedoeld in artikel 7:7 Awb, kan zowel schriftelijk als digitaal worden vastgelegd. Er wordt uitsluitend een digitaal verslag gemaakt, als belanghebbende(n) daar geen bezwaar tegen hebben. 2.. Indien het verslag van de hoorzitting als bedoeld in artikel 7:7 Awb bestaat uit een digitale geluidsopname, wordt deze op verzoek aan de belanghebbende(n) ter beschikking gesteld. 3.. De secretaris maakt op basis van de geluidsopname een schriftelijk verslag van het besprokene wanneer het bestuursorgaan dat nodig acht voor zijn besluitvorming of wanneer een belanghebbende daarom verzoekt dan wel dat een gerechtelijke instantie daarom verzoekt in geval van een (hoger) beroepsprocedure. 4.. Indien er een schriftelijk verslag wordt opgemaakt, houdt dit een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. Het verslag vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 5.. Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het schriftelijke verslag hiervan melding. 6. . Het schriftelijk verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 7. . De voorzitter en de secretaris ondertekenen het schriftelijk verslag. De commissie kan de voorzitter toestaan dat het ondertekenen wordt opgedragen aan de secretaris. In dat geval blijft medeondertekening achterwege.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel