De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich bevindt.
De aanvrager dient het verzoek in persoon toe te lichten, als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, lid 1, sub a tot en met e.
De aangever is verplicht om bij de aangifte tot briefadres alle benodigde stukken te overleggen.
Onder benodigde stukken als bedoeld in het derde lid wordt in ieder geval verstaan:
een geldig identiteitsbewijs;
de schriftelijke verklaring van de aangever met reden voor de aangifte en de
te verwachten periode dat het briefadres noodzakelijk is;
c.een geldig identiteitsbewijs, of een kopie ervan, en een schriftelijke
verklaring van instemming van de briefadresgever;
d.een ingevulde en ondertekende vragenlijst briefadres, als het briefadres
gevraagd wordt op grond van artikel 2, lid 1, sub a tot en met e.
De briefadresgever die als ingezetene in de BRP ingeschreven staat, kan maximaal aan twee gezinshuishoudens of twee alleenstaanden toestemming geven een briefadres te houden.
De briefadresgever is ervoor verantwoordelijk dat de post op zijn of haar adres aangeboden die bestemd is voor de briefadreshouder, deze de briefadreshouder bereikt.