Het college weigert een voorziening genoemd in artikel 4.2 lid 1 indien:
de persoon met beperkingen zijn hoofdverblijf niet heeft of zal hebben in de woonruimte waarvoor de voorziening aangevraagd is;
de voorziening aangevraagd is op een moment dat op basis van leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodzaak;
de beperking of het probleem voortvloeit uit de aard van de in de woning gebruikte materialen;
de voorziening betrekking heeft op een hoger niveau dan het niveau van voorzieningen in de sociale woningbouw;
er geen rechtstreeks oorzakelijk verband bestaat tussen de beperking of het probleem en één of meer bouwkundige of woontechnische kenmerken van de woning;
de beperking of het probleem niet in de woning zelf (waartoe ook de toegankelijkheid van de woning wordt begrepen) wordt ondervonden;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en de persoon met beperkingen verhuist vanuit een adequate woning naar een niet-adequate woning, tenzij er naar het oordeel van het college een gewichtige reden aan de verhuizing ten grondslag ligt;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en deze verhuizing dan wel de acceptatie van de nieuwe woning heeft plaatsgevonden voordat het college een besluit heeft genomen naar aanleiding van de aanvraag, tenzij het college schriftelijk toestemming heeft verleend voor die verhuizing of die acceptatie;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en de persoon met beperkingen niet verhuist naar de voor hem op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij het college schriftelijk toestemming heeft verleend voor de verhuizing;
de aanvraag een voorziening betreft genoemd in artikel 4.2 lid 1 onder a en de persoon met beperkingen voor het eerst zelfstandig gaat wonen.
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en de persoon met beperkingen verhuist naar een woning die niet geschikt is voor permanente bewoning;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het verstrekken van zorg;
de aanvraag betrekking heeft op een voorziening in een AWBZ-instelling, hotels/pensions, trekkerswoonwagens, vakantiewoningen en tweede woningen;
de te treffen voorziening bij (nieuw)bouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kan worden.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.3
Beperkingen en weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Veldhoven 2010