Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2.

Huisbezoek bij vermoeden van fraude

Onderdeel van Protocol Huisbezoek WIZ

Indien er een redelijk vermoeden van fraude is ontstaan geeft art. 53a van de WWB de mogelijkheid om de door de belanghebbende verstrekte inlichtingen m.b.t. zijn woon- en leefsituatie te controleren d.m.v. een huisbezoek. De belanghebbende heeft volgens art. 17 lid 2 van de WWB een “meewerkplicht”. Het niet meewerken aan een huisbezoek bij een redelijk vermoeden van fraude leidt tot het afwijzen van een aanvraag WWB of het intrekken van het recht op bijstand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel