Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de overtreding

Onderdeel van Verordening inburgering

1.. De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 10, eerste lid, bedraagt ten hoogste 250 euro indien de inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. 2.. De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 10, tweede lid, bedraagt ten hoogste 500 euro indien de inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. 3.. De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste 1000 euro indien de inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. 4.. De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste 1000 euro indien de inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van artikel 33, tweede lid, van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel