Naar hoofdinhoud
Alle begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, IOAW, IOAZ, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Burgerlijk Wetboek (BW). In de beleidsregel wordt verstaan onder: belanghebbende: de persoon die een uitkering ontvangt op grond van de Participatiewet, IOAW, IOAZ of Bbz; benadelingsbedrag: het bedrag dat, als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting als bedoeld in de artikel 17, eerste lid Participatiewet, 13 lid 1 IOAW/IOAZ of de verplichtingen als bedoeld in artikel 30c, tweede en derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Wet SUWI), ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering is verstrekt; boete: de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 20a van de IOAW en IOAZ en 18a van de Participatiewet; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groesbeek; hij/zij: waar ‘hij’ wordt geschreven wordt ook ‘zij’ bedoeld, indien van toepassing; inlichtingenplicht: de inlichtingenplicht als genoemd in de artikelen 17 lid 1 Participatiewet, 13 lid 1 IOAW, 13 lid 1 IOAZ en 30c lid 2 en 3 van de Wet SUWI; nul-fraude: het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht heeft niet geleid tot een benadelingsbedrag; onverwijld: binnen tien werkdagen na de datum waarop de wijziging in de situatie van belanghebbende plaatsvindt; IOAW: Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers; IOAZ: Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; Bbz: Besluit bijstandsverlening zelfstandigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel