Naar hoofdinhoud

Artikel 2.1

Algemeen

Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp gemeente Noord-Beveland 2015

1.. Een voorziening bedoeld in artikel 2, eerste lid van de Verordening jeugdhulp gemeente Noord-Beveland 2015 bestaat uit informatie en /of adviesverstrekking door het lokale gebiedsteam. Deze voorziening is beschikbaar ten behoeve van een jeugdige zonder dat het college heeft besloten om deze voorziening toe te kennen aan de jeugdige. 2.. Een individuele voorziening genoemd in artikel 2, tweede lid van de Verordening jeugdhulp gemeente Noord-Beveland 2015 wordt toegekend door middel van een besluit van het college in de vorm van het door het college ondertekende "driekolommenmodel". 3.. Het college neemt het besluit als bedoeld in het tweede lid op grond van het onderzoek naar de hulpvraag van de jeugdige en zijn ouders in het gesprek bedoeld in artikel 3.3 en - wanneer het om een persoonsgebonden budget gaat - op grond van de aanvraag bedoeld in artikel 2.2. 4.. Het college kan het gesprek bedoeld in artikel 3.3 achterwege laten indien voldoende duidelijk is welke individuele voorziening is aangewezen op basis van: de verwijzing van de huisarts, medisch specialist of jeugdarts als geregeld in de wet, of de gesprekken of het onderzoek van het advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling of het oordeel van de professional (-s) over de noodzaak van professionele interventie (-s) als bedoeld in lid 7. 5.. De zorgaanbieder van een individuele voorziening start de ondersteuning slechts nadat het besluit genomen is, behoudens als de professional of het college van oordeel is dat professionele interventie (-s) dienen te worden ingezet om de bedreiging van de veiligheid van het kind op te heffen in welk geval lid 7 wordt toegepast 6.. In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende tijdelijke maatregel of vraagt het college een machtiging gesloten jeugdhulp als bedoeld in hoofdstuk 6 van de wet. 7. Als de professional van oordeel is - al dan niet na een hulpvraag van de jeugdige en/of ouder -dat professionele interventie(s) dienen te worden ingezet om de bedreiging van de veiligheid van het kind op te heffen dan zal de professional de professionele interventie(s) inzetten. De professional meldt het inzetten van de professionele interventie(s) onverwijld in het eigen dossier, in de Verwijsindex Risicojongeren Zeeland en aan de procescoördinator van de gemeente Noord-Beveland. Het college stelt onverwijld het besluit tot professionele interventie(-s) op schrift en maakt het bekend aan de jeugdige en zijn ouders. De procescoördinator informeert die professional (-s) waarvoor het noodzakelijk is om kennis te hebben van de bedreiging van de veiligheid en de ondernomen interventie(-s) en zorgt voor eventueel noodzakelijke verdere vervolgstappen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel