Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.05

Beroep op ouders

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2015

Bij aanvragen bijzondere bijstand van jongeren onder de 21 jaar moeten op grond van artikel 12 Participatiewet beoordeeld worden of zij voor deze kosten een beroep kunnen doen op hun ouders. Zij zijn immers, totdat de jongere 21 jaar wordt, financieel onderhoudsplichtig. Voor de bepaling of een jongere daadwerkelijk een beroep kan doen op de ouders hanteren we als richtlijn dat het inkomen van de ouder of ouders meer moet bedragen dan de van toepassing zijnde bijstandsnorm plus de norm zak- en kleedgeld (inclusief verhoging Zorgverzekeringswet) voor een alleenstaande om te stellen dat de jongere een beroep kan doen op de ouders. Daarnaast telt ook het vermogen boven het voor de ouders geldende vrij te laten vermogen mee voor de beoordeling of de jongere een beroep kan doen op de ouders. Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen kan deze toets achterwege blijven. Denk aan een zeer ernstig verstoorde relatie of wanneer vanwege andere dringende redenen niet verlangd kan worden dat de jongere de ouders op de onderhoudsplicht aanspreekt.

Rechtspraak bij dit artikel