De tegemoetkoming wordt vastgesteld vanaf dag één van de maand waarin de tegemoetkoming wordt aangevraagd en de maand ervoor.
Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt wordt de tegemoetkoming vastgesteld met ingang van de dag waarop de kinderopvang een aanvang neemt.
De tegemoetkoming wordt vastgesteld voor de periode van maximaal een kalenderjaar.
Een aanvraag voor verlenging van de tegemoetkoming in het volgend kalenderjaar dient voor 1 maart van dat jaar te zijn ingediend om recht te kunnen hebben op de tegemoetkoming met terugwerkende kracht tot 1 januari van dat jaar.
Bij beëindiging van het traject naar werk heeft de ouder maximaal twee maanden na de beëindigingsdatum recht op de tegemoetkoming van de gemeente.
Artikel 9
Ingangsdatum en duur van de tegemoetkoming
Onderdeel van Beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang Den Haag 2015