1.Degene, die handelt in strijd met het voorschrift als bedoeld in artikel
10, tweede, derde of vierde lid, of in artikel 12, eerste of tweede lid,
wordt bestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een
geldboete van de tweede categorie.
2.Bij de strafmaatbepaling kan rekening gehouden worden met de boomwaarde.