Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 18

Artikel 18

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Meerinzicht

1.. De voorzitter wordt door en uit het algemeen bestuur aangewezen. 2.. Het voorzitterschap van het dagelijks bestuur eindigt zodra het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt of wanneer het lid van het algemeen bestuur ontslag neemt of wordt verleend. 3.. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur. 4.. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wordt deze vervangen door een door het dagelijks bestuur uit zijn midden aan te wijzen lid van dit bestuur. 5.. De voorzitter tekent de stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijksbestuur uitgaan. De voorzitter kan de ondertekening opdragen aan een ander lid van het dagelijks bestuur of aan een ambtenaar werkzaam bij het openbaar lichaam. 6.. De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. Indien het college van waaruit de voorzitter afkomstig is, partij is in een geding waarbij het openbaar lichaam betrokken is, oefent een ander door het dagelijks bestuur aan te wijzen lid van dat bestuur deze bevoegdheid uit.

Rechtspraak bij dit artikel