Naar hoofdinhoud

Artikel 7

REGELS VOOR EIGEN BIJDRAGE

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Castricum 2015

De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 7.1 Eigen bijdrage voor algemene voorzieningen Algemene voorzieningen zijn zoveel mogelijk kostendekkend en worden door derden uitgevoerd. De eigen bijdrage is niet hoger dan algemeen gebruikelijke kosten voor een dergelijke voorziening. Denk hierbij aan kosten voor een maaltijd bij een maaltijdvoorziening. 7.2 Eigen bijdrage voor woningaanpassing voor minderjarige Het college bepaalt dat de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of Pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 7.3 Eigen bijdrage maatschappelijke opvang De centrumgemeente wijst de instantie aan die de eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang vaststelt en int. 7.4 Kostprijs 7.4.1 Kostprijs voor diensten Het tarief van de dienstverlener of de hoogte van het Pgb is de kostprijs. Als uitzondering op lid 1 wordt voor persoonlijke verzorging, individuele begeleiding of groepsbegeleiding voor de berekening van de eigen bijdrage een kostprijs gehanteerd van € 20,00 per uur of dagdeel. Als uitzondering van lid 1 wordt voor kortdurend verblijf voor de berekening van de eigen bijdrage een kostprijs gehanteerd van € 30,00 per etmaal. 7.4.2 Kostprijs voor hulpmiddelen, aanpassingen en onderhoud Voor voorzieningen die het college van een leverancier huurt en die in bruikleen worden verstrekt aan de cliënt, geldt dat de huur die betaald wordt aan de leverancier de kostprijs is. Voor voorzieningen die de gemeente inkoopt bij een leverancier en in bruikleen of eigendom geeft aan de cliënt gelden de volgende regels: De koopprijs van de voorziening is de kostprijs. De eigen bijdrage wordt voor de volgende termijn in rekening gebracht Bedragen < € 300,- worden verdeeld over maximaal 13 perioden. Bedragen ≥ € 300,- en < € 600,- worden verdeeld over maximaal 26 perioden. Bedragen ≥ € 600,- en < € 1.500,- worden verdeeld over maximaal 39 perioden Bedragen ≥ € 1.500,- worden verdeeld over maximaal 91 perioden (7 jaar). Voor een Pgb verstrekt ten behoeve van aanschaf, aanpassing aan en onderhoud van een voorziening gelden de volgende regels: De eigen bijdrage wordt voor de volgende termijn in rekening gebracht Bedragen < € 300,- worden verdeeld over maximaal 13 perioden. Bedragen ≥ € 300,- en < € 600,- worden verdeeld over maximaal 26 perioden. Bedragen ≥ € 600,- en < € 1.500,- worden verdeeld over maximaal 39 perioden. Bedragen ≥ € 1.500,- worden verdeeld over maximaal 91 perioden (7 jaar). De termijn voor de eigen bijdrage is maximaal de verstrekkingstermijn van het Pgb. 7.5 Uitzonderingen eigen bijdrage In afwijking van artikel 7.2 van de Verordening geldt voor de rolstoel en met uitzondering van de gevallen in artikel 7.2 voor alle voorzieningen voor cliënten jonger dan 18 jaar geen eigen bijdrage. In afwijking van artikel 7.2 van de Verordening wordt voor de kortingspas voor de regiotaxi geen eigen bijdrage in rekening gebracht. Voor een financiële tegemoetkoming volgens artikel 12 van de Verordening wordt geen eigen bijdrage in rekening gebracht. Indien een maatwerkvoorziening langer dan 4 weken niet bruikbaar is, doordat de leverancier geen adequaat vervangend hulpmiddel kan inzetten, wordt gedurende die tijd geen eigen bijdrage opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel